Posts tonen met het label Ajax. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Ajax. Alle posts tonen

donderdag 5 november 2020

Dag 77

Er klonken woeste geluiden vanuit de gamekamer. Jongste liet in woord en daad merken dat zijn FIFA-elftal niet uitvoerde wat hij met zijn duimen bedacht had. De pedagoog in mij, een onberispelijk mannetje, meldde zich met een vermanend vingertje bij zijn beeldscherm. “Dat mag dus niet.” De verontwaardiging over deze schrobbering uitte Jongste pas aan tafel. “Maar jij dan, pap? Als Ajax speelt?” Wie? Ik? Wat bedoel je? Ajax? Hoezo dan? “Nou, dan ga je aardig tekeer.” Aan de andere kant van de tafel bleef het opvallend lang stil. Ze zei niets, maar de ogen van mijn vriendin vertelden haar standpunt: in deze kwestie stond ze niet aan mijn zijde. In mijn hoofd spoelde ik ontelbare filmpjes terug van Ajax-wedstrijden in onze huiskamer. Ik zag mezelf vaak juichend van de bank veren. Als de Godenzonen het op de heupen hadden, was het inderdaad genieten. “Als het niet loopt bij Ajax, word je erg ongezellig,” zei mijn vriendin. Ze klonk als een openbaar aanklager. “Ja, dan zit je boos naar het scherm te schreeuwen,” vulde Oudste als getuige aan. Mijn beklaagdenbankje voelde steeds oncomfortabeler. Jongste kwam nu ook los. “Gisterenavond hoorde ik je vanuit bed schelden op Schuurs. En je vloekte ook.” Beschaamd, met het hoofd tussen mijn schouders, verliet ik het tribunaal. Ik kreeg de hoon van alle aanwezigen. Met een vermanend vingertje wezen ze de pedagoog in mij onberispelijk na.

woensdag 22 april 2020

Dag 39

Iedereen herkent die momenten. Het kan een schilderij zijn dat ineens in je blikveld komt, een liedje dat op de radio tot je doordringt, een voetbalwedstrijd of een mooie film. Dat je ernaar zit te kijken en ineens denkt: ‘Verrek ja! Zo is het! Zo zit het leven in elkaar!’
Zondagochtend moest ik aan die dingen denken. Mijn vriendin was hardlopen en ik kwam terug van Twinckeltje. Ik had mijn fiets net geparkeerd, toen een nichtje een app stuurde:
‘Ik ving jullie net in één oogopslag. Jij op de fiets met fietstassen vol met eten en je vriendin joggend op 50 meter.’
Bam! In één appje het leven van mij en mijn vriendin gevangen. Het kan meteen worden bijgezet in het rijtje met ‘Breaking Bad’, het boek Joe Speedboot en de halve finale van Ajax tegen Spurs. Maar geen filmopname beschikbaar, geen schilderij, geen foto. Alleen een appje.
Sinds zondag vinden ze me hier in huis een beetje afwezig. Verstrooid. Bij de kassa in de supermarkt ronduit onbeleefd. Steeds in mijn telefoon turen en zo. Maar op die momenten daal ik af naar de archieven van whatsapp. Veel mensen staren urenlang naar een schilderij, sommigen slapen met een boek onder het kussen. Ik heb een app. Eke keer als ik de twee zinnen lees, is het raak.
‘Verrek! Ja, zo is het! Zo zit ons leven in elkaar!’

woensdag 14 augustus 2019

Afweergeschut


Baumgartl. De naam van de nieuwe voorstopper van PSV klinkt als een duur merk kettingzaag met stationair lopende dieselmotor. In Scandinavië dunnen ze er hele bossen mee uit. Vooral Noorse houthakkers werken er graag mee.
“Vanmorgen stuitten we in het kreupelhout van Skomssø op een oude eik. Anderhalve meter dik. Dat wordt avondwerk, dachten we. Maar met de Baumgartl was het zo gepiept.”
Timo Baumgartl, eindelijk weer eens een voetballer van wie de naam volledig in balans is met zijn veldspel. Met Baumgartl in de basis weet je: dat laat na afloop diepe geulen na op het veld. Spitsen van komende tegenstanders van PSV stellen zich in op 90 minuten oorlog in de zestien. Blauwe plekken in de nek, open kniewonden, ochtendstijfheid.
“Wat heb jij nou?”
“Oef! Gisteren tegen Baumgartl gespeeld...”
Jarenlang moesten we het doen met voetballers wiens namen veel beloofden. Wilfried Kanon, je verwacht een spits met een ziedend schot, maar bij ADO verdedigt hij alsof ie zijn dochtertje voorleest uit een prentenboek. Guus Til wekt de verwachting van een marktkraam met tweedehands boeken, vooral Konsalik en Amerikaanse thrillers. Of Schwaab, je denkt aan een koolzuurhoudend frisdrankje met frambozensmaak, niet aan een Duitse verdediger. Maar nu hebben we Timo Baumgartl, een voetballer die eindelijk doet wat zijn naam belooft.
Het is een kwestie van tijd dat het een werkwoord wordt, baumgartelen. Dat we in de Van Dale het volgende lezen: baum-gar-te-len (hij baumgartelde, heeft gebaumgarteld) 1. Met noeste arbeid je taak uitvoeren. Fysiek, niet fijnzinnig 2. Het uitdunnen van een Noors bos met zwaar geschut.
Kijk er niet van op dat het gemeengoed wordt. Dat baumgartelen zich, net als sms’en en wc-eend, blijvend in onze taal nestelt. Erik ten Hag die de vraag krijgt waarom het niet zo wilde lukken tegen Paok. Voor de Ajax-trainer is de oorzaak kraakhelder: “Aanvallend varieerden we goed, maar achterin hebben we te weinig gebaumgarteld.”


zaterdag 20 juli 2019

Geinen met Nous

De transferperiode van Hakim Ziyech lijkt precies op dat liedje van Phil Collins. Hij doet even alsof er allemaal niets aan de hand is, die gekke Phil, met zijn refreintjes en tierelantijntjes, maar je weet het: ergens zullen de drums zwaar binnenvallen.
Hakim Ziyech voelt dat perfect aan. Zijn start bij Ajax was moeizaam. Maar na veelvuldig balverlies en rare maniertjes begon Ziyech met passjes te strooien. Machtige ballen vertrokken van zijn voet met een precisie waar zelfs de maker van een Zwitsers uurwerk een wenkbrauw van zou optrekken.
Het spel met de zaakwaarnemers is dan een logisch gevolg. Het gelonk naar mogelijke clubs, het geflirt. De korte interviewtjes waar woorden als ‘ambitie’, ‘uitdaging’ en ‘het goede gevoel’ opduiken als verdachten in een aflevering van Baantjer. Bij Hakim Ziyech klinkt zo’n vraaggesprek anders:
“Mijn nieuwe club moet passen als een mocassin. Sevilla? Lijkt me niet, daar zit Wöber. Ik wil verder kijken dan het hoofd van Luuk de Jong. Ik wacht wel af. Ajax is ook goed. Lekker geinen met Nous.”
Ziyech kwam drie jaar geleden naar Ajax toen de competitie al was begonnen. Opgejaagd door paniek en het naderen van de transferdeadline maakten ze in Amsterdam alsnog de miljoenen over aan FC Twente. Over een maand zal Bayern München (of een andere topclub in problemen) op dezelfde wijze bij Ziyech aankloppen. Hakim met zijn gouden voetjes moet de problemen oplossen.
Ziyech in een transferperiode, het is prachtig om te volgen. Rustig wacht ie af in een hangmat, een bijzettafeltje voor een cocktail in vier kleuren. Op zijn neus een bril van Elton John. Ziyech kijkt naar zijn moeder, ze knoopt een tapijt van geschoren kamelenhaar. Via twee halve kokosnoten op zijn hoofd luistert hij naar muziek. Iets van Phil Collins. Dan weet hij namelijk precies wanneer de drums een einde maken aan het geneuzel.

woensdag 27 september 2017

Zout

Ons gezin is gespleten in twee voetbalkampen. Oudste, zijn moeder en ik zijn voor van Ajax. Hoewel mijn vriendin en ik beseften dat een keuze voor een voetbalclub niet is op te dringen (met oudste waren we 'lucky'), deden we in de opvoeding van Jongste toch onze uiterste best met drinkbekers, pyjama's en rugzakjes in hoofdstedelijke kleuren, maar hij ging stoïcijns zijn eigen weg en koos voor PSV.
Jongste heeft geen last van de nummerieke minderheid, hij beweegt vrij door het gezin als een leeuwenwelp die in de dierentuin in de apenkooi is terecht gekomen en vriendschap heeft gesloten met een gekke bavianenkolonie. Natuurlijk leidt het wel tot kolderieke taferelen.
Zo ook het afgelopen weekend.
Mijn vriendin en ik zaten zondag op een bankje op de tennisbaan, waar Oudste met zijn maten een competitieronde afwerkte. Terwijl Oudste geconcentreerd serveerde en dubbelhandig retourneerde, begon PSV aan het lastige uitkarwei in Utrecht. Jongste, die ervoor koos om alleen thuis die wedstrijd te volgen, hield me op de hoogte. Nog vóór zijn broer de eerste set gespeeld had, ging al twee keer mijn telefoon.
"Al 0-1, pap. Locadia!"
"Het staat nu 1-3. Locadia speelt geweldig!"
Natuurlijk gunde ik jongste zijn pleziertje. Ik zag hem al zitten, op de bank met Fox. Mijn moment zou later die middag komen, Ajax ging thuis in de Johan Cruijff Arena Vitesse wegzetten. Doordat de tenniswedstrijden van Oudste en de anderen uitliepen op driesetters, was ik echter aangewezen op de berichtgeving op mijn telefoon. Terwijl Oudste manmoedig in een mooie najaarszon stand probeerde te houden tegen een sterke opponent, druppelde het debacle in Amsterdam mijn mobieltje binnen. De 0-2 voelde als een mokerslag, maar Jongste laat zo'n buitenkansje niet lopen.
"Het gaat geloof ik niet zo lekker met Ajax, pap," zei ie.
Het was vooral dat snaakse lachje aan het einde van zijn zin, dat veel zout in de wonden strooide.

vrijdag 25 augustus 2017

Technisch hart

"Sar."
"Marc hier. Goedemorgen."
"Goedemorgen. What's up?"
"Hakim wil weg."
"Hakim? Waarom?"
"Hij ziet het niet zitten."
"Wat?"
"Dit seizoen. Bij Ajax. Na gisteren."
"Hoezo?"
"Er moet meer bij, zegt hij."
"We hebben er toch achttien."
"Zei ik ook. Donny, Frenkie, André. Niets mis mee."
"En er komen toch nog jongens bij."
"Ja. Ben bezig met Böde Badsen van Boltclup Wünderklumpen. Type Sanchez."
"Gaat niet lukken."
"Waarom niet?"
"Is gestopt. In 2015."
"Oh."
"En verder?"
"M'bambé Kunde."
"Wie?"
"Gescout in de binnenlanden van Burundi. Een sensatie."
"Maak maar rond."
"Wel geduld hebben."
"Waarom?"
"Hij is pas veertien jaar."
"En Kesper?"
"Dolberg?"
"Ja. Kesper."
"Monaco belt straks."
"Vijftig miljoen?"
"Yep. Doen?"
"Wat zegt Dennis?"
"Doen."
"Verkopen dan."
"Maar dat zal Hakim niet leuk vinden."
"Zeg Hakim maar dat Siem komt."
"Tuurlijk. Siem."
"Komt in orde. Hoi."
"Hoi."

maandag 31 juli 2017

De familie Kraai

Op de camping staan we tussen twee echtparen uit Nederland. Aan de linkerkant een lange, grijze man met een Ted de Braak-snor die de dagen vult met het oplossen van woordzoekers, en een vrouw die het vegen van de voortent afwisselt met het lezen van boekjes uit de bouquetreeks. Rechts woont een norse, dikke vrouw met meer plooien op haar arm dan Sissi op haar baljurk, en een man die op Rinus Israel lijkt.
Beide stelletjes huizen in een Fendt Bianco 465 met voortent, met precies dezelfde spullen erin: een kastje met zo'n George Clooney koffiezetapparaat, een Ikea-schemerlampje en een vaas met nepgladiolen.
"We staan hier al dertig jaar," vertelde Rinus, op onze eerste dag. Het leek hem een grotere prestatie dan de Europa Cup omhoog tillen in San Siro.
's Avonds kruipen de stellen bij elkaar rondom een bak borrelnootjes en de schemerlamp. Dan spelen ze yahtzee of bespreken ze de voordelen van volkstuintjes, de aanbiedingen van de Gamma en de kunstknieën van De Braak.
Wij hebben weer andere beslommeringen. Het voetbalseizoen dient zich aan en Ajax speelt een voorronde voor de Champions League in Nice. In de kantine is het echter bingoavond en op internet vind ik geen betrouwbare alternatieven. Ik heb me net verzoend met teletekstpagina 810, als de jongens een appje sturen:
'WE HEBBEN HET LIVE'
In sneltempo wandelen mijn vriendin en ik naar de wandelpromenade langs het meer. Naast de gesloten strandingang, hebben de jongens inderdaad het laatste straaltje WiFi gevangen, want ik zie Onana de bal uitrollen naar De Ligt. Op het muurtje dat de afscheiding vormt van de voortuin van Frau Schmeizelhüber (overdag koopvrouw in 'Obst und Gemüse') staren we anderhalf uur met zijn vieren naar het mini-telefoonschermpje van oudste.
"Ik heb jeuk op mijn rug," zeg ik halverwege de eerste helft. Mijn vriendin verjaagt de kriebel en onderzoekt mijn rug langdurig op bultjes en andere oneffenheden. Na de goal van Balotelli, maar nog vóór de gelijkmaker van Van de Beek, komen De Braak en Rinus voorbij gewandeld, waarschijnlijk om de kunstknieën soepel te houden.
"Wat dóen jullie?" vraagt Rinus.
"We vlooien elkaar en kijken naar Ajax op de telefoon," antwoord ik.
In verwarring wandelen de mannen verder. De Braak kijkt nog over zijn schouder alsof de kraaien alle bonen uit zijn volkstuin hebben gepikt. Nee, ik geloof niet dat we in het kampeerstraatje van Buurman en Buurman passen.

zaterdag 1 juli 2017

Roesje

Ik houd van zaterdagmiddagen. Lome uurtjes met fris gemaaid gras en een vers stuk brie in de koelkast. Als prettige briesjes ritselen ze door het struikgewas van een komende werkweek. Zeker als de jongens in de buitenlucht hun groeiende zelfstandigheid uitbouwen en hun moeder zich in een andere ruimte buigt over de strijk of het avondeten, streel ik mezelf graag met een derby uit de Premier League of een vleugje Bundesliga. Het vacuüm tussen een afgesloten seizoen en de herstart van de competitie maakt dit lastig, maar grote krantenkoppen lokten me vandaag naar een andere verwennerij: de start van de Tour de France.
Aangewakkerd door de Dumoulin-glorie ging ik er, met een vers glas sinas en de afstandsbediening binnen handbereik, eens goed voor zitten. In hun jacht op de gele trui zag ik de renners één voor één starten met strakke kuiten en helmen uit de collectie van Darth Vader. En meteen was er weer de stem. Het stemgeluid dat in eerdere jaargangen demarrages door een zonnebloemveld begeleidde. De klanken van commentator Herbert Dijkstra doen mij denken aan het keelgeluid van meneer Gerritsen, mijn wiskundedocent op de middelbare school. Elke les begon hij enthousiast aan een kwadraatstelling of Pythagoras, maar doordat hij klonk als de beheerder van een crematorium, was hij mij na drie zinnen al weer kwijt. Ook nu trachtte Herbert mij de geheimen van het wielrennen bij te brengen. Waarom Dylan Groenewegen over het natte asfalt gleed bijvoorbeeld, en waarom Peter Sagan aan de Ronde begon met het uiterlijk van de drummer in een Finse rockband.
Wie de proloog won? Geen flauw idee. De lezingen van Herbert brachten me spoedig in een slaaproesje, waar ik uit werd getrokken door de binnenkomst van de jongens en de kreet van mijn vriendin die meldde dat het eten klaar was.
"Wat is er, pap? Je kijkt zo vrolijk," vroeg oudste, boven een bord dampende risotto.
"Ajax en Feyenoord," geeuwde ik, "ze zijn al weer in training."

vrijdag 25 november 2016

Zomervakantie

Ajax heeft weer een leuke spits. Een blonde jongen met blozende wangen die verdedigers makkelijk passeert en geen hartjes of dansjes laat zien als hij de bal in het doel jaagt: Kasper Dolberg doet normaal. De opwinding over de Arena-aanvaller waaide deze week ook ónze keuken binnen.
"Waar zullen we in de zomer op vakantie gaan," vroeg mijn vriendin, terwijl ze spaghetti op de borden drapeerde.
"Naar Denemarken!" riep oudste, die behendig een sliert om zijn vork draaide, "daar komt Dolberg vandaan!" Een grote hap pasta verdween smakelijk in zijn mond.
Denemarken. Mmm, dat moest ik even laten bezinken. Het leverde geen beelden op van warme stranden met wuivende palmbomen en te kleine bikini's, ik kwam eigenlijk niet verder dan het zeemeerminnetje in de haven van Kopenhagen en misschien een bezoekje aan Legoland. Om de besluitvorming te beïnvloeden zocht ik in mijn hoofd razendsnel naar Spaanse goalgetters en spectaculaire spitsen uit Italië, een land met lange kustlijnen en heerlijke pasta's, maar jongste zat met zijn hoofd bij andere zaken.
"Tegen wie moeten we zaterdag, pap?"
Het E-team van jongste doet het goed. Met jeugdig elan wervelen ze langs tegenstanders, wat voorlopig de derde plek op de ranglijst oplevert. Met zelfs uitzicht op het kampioenschap als de laatste drie wedstrijden worden gewonnen.
"Tegen Reusel Sport, jongen. Die staan onderaan."
Maar de ranglijst interesseert jongste niet zo veel. De zaterdagochtend betekent voor hem en zijn vriendjes puur plezier op het veld, met shirtjes, een bal en doelpalen. Een mooie passeeractie of een gelukte sliding, het is voor hen al kampioenschap genoeg. Het E-team van jongste zit eigenlijk vol met Dolbergjes.
"Nou, we gaan dus naar Denemarken?" Oudste zette de chocoladepudding al op tafel. Hier moest snel gehandeld worden. Ik reageerde geslepen als een oude voorstopper uit de Serie A.
"Eh, wist je dat Kasper Dolberg eigenlijk geboren is in Zuid-Europa?"




vrijdag 13 maart 2015

Taalles

Terwijl ze aan de keukentafel hun lunchpakketje klaarmaken, bespreken de jongens de verhoudingen in de eredivisie.
"PSV heeft veel meer punten als AJAX," zegt jongste voldaan, alsof ie de club uit Eindhoven hoogstpersoonlijk naar de eerste plek heeft geschoten.
"Meer punten DAN. Het is meer punten DAN Ajax," antwoordt oudste en gaat als een schooljuf tegenover jongste staan, maar zijn broertje geeft geen krimp.
"PSV staat ver voor, maar Ajax en Feyenoord, die zijn wel elkaar gewaagd," zegt jongste, terwijl ie een dikke klodder boter op een plak peperkoek smeert.
"AAN elkaar gewaagd. Ajax en Feyenoord zijn AAN elkaar gewaagd," verbetert de schooljuf nu. Na de les over vergelijkingen is ze aanbeland bij het hoofdstuk 'spreekwoorden en uitdrukkingen'.
Opnieuw heeft jongste geen boodschap aan de taalinstructie. Waarom zou hij ook? Als enige PSV'er in een Ajax-huis is zijn moment van glorie aangebroken. Zijn club staat een straatlengte voor. Dít is zijn moment. Zoals een vet varken in de modder, wentelt hij zich in het aanstaande kampioenschap.
"Vooral Kwardado, man. Die is goed! En Depay ook!" Hij schreeuwt zijn bewondering voor zijn helden bijna uit. Na een laatste slok melk vult jongste in lichte euforie zijn rugzak met de broodtrommel en zijn PSV-drinkbeker.
"Maar Depay zal wel verkocht worden aan Chelsea of Juventus," meld ik me in het gesprek, "elk voordeel hep immers zijn nadeel."
"HEEFT! Elk voordeel HEEFT een nadeel!" Oudste staat nu naast mij met een streng gezicht. Cruyffiaanse uitspraken zijn nog niet tot zijn vocabulaire doorgedrongen. Het lijkt erop alsof ik elk moment uit de klas kan worden gestuurd.
"Sorry juf," mompel ik, om de zaak te redden.

maandag 15 december 2014

Zondagmiddagmarathon

Een zondagmiddag staat hier doorgaans in het teken van een boswandeling of een gezinspotje Triviant junior, maar nu mijn vriendin plichtmatig haar zondagsdienst vervulde en oudste een oefenmiddag met zijn dansgroep op de agenda had staan, wisten we er wel raad mee.
"Lekker hè," zei ik tegen jongste.
Met een gebakken eitje op schoot keken we naar de wedstrijd van Ajax die om half één op Fox Sports begon. De rest van de middag zou de competitiewedstrijd van PSV brengen, waarna de avond met Feyenoord vanuit de Kuip zou starten. Vanuit onze luie zitposities zagen we hoe Ajax naar de winst freewheelde.
Toen PSV op het punt van beginnen stond, richtte jongste zich op mij.
"Zit jij op George?" vroeg ie op serieuze toon.
In mijn rug vond ik inderdaad zijn knuffel. De oranje aap keek me aan met zijn gebruikelijke vrolijke grijns. Zorgvuldig zette jongste George naast zich op de driezitsbank, het teken dat zijn club kon beginnen.
Mijn vriendin kwam thuis toen het buiten al schemerde en de wedstrijd van Feyenoord tegen het rustsignaal liep. In één oogopslag overzag ze de situatie.
"Zitten jullie al de gehele middag voetbal te kijken?" vroeg ze, niet zonder verontwaardiging. We knikten voldaan, als twee gasten die schaamteloos uitbuikten na een langdurig menu met veel liflafjes in een sterrenrestaurant. 
"Waar is George?" vroeg jongste opnieuw, toen niet veel later ook oudste aansloot. Hij vond zijn knuffelvriend onder twee kussens. Met zijn vijven op een rijtje behaalden we in de Kuip, moe maar tevreden, de eindstreep.

donderdag 6 november 2014

Rimpels

Aan de keukentafel las ik vanmorgen in de Voetbal International een interview met de grootste Nederlandse voetballer ooit. Er stond een grote foto bij.
"Wie is dat?" vroeg oudste, op weg naar een beschuitje.
"Johan Cruijff."
Mijn antwoord deed oudste weinig. In zijn hoofd gingen geen luikjes open met beelden van de onmogelijke boogbal tegen Piot, het lobje over Metgod of slow-motionbeelden vanaf de zijlijn in Nou Camp met op de achtergrond een melancholiek strijkkwartet van Strawinsky. Plichtmatig, als een oude treinconducteur op het perron, smeerde hij boter op zijn beschuit.
Het was tijd voor onderricht. 
Ik legde oudste uit dat Johan Cruijff vroeger enorm goed kon voetballen bij Ajax, Barcelona en het Nederlands elftal, dat hij de Messi van zijn tijd was en dat hij het nu als zijn levenswerk beschouwde om Ajax via eigen talenten weer terug te laten keren naar de top.
"Hé, dat is Cruijff!" zei mijn vriendin. Ze meldde zich met jongste aan de ontbijttafel. Geïnteresseerd keek ze over mijn schouder.
"Goh, hij heeft wel veel rimpels."
De ouderdomsverschijnselen van Cruijff hielden jongste niet zo bezig. Terwijl hij de peperkoek uit de kast pakte, informeerde hij wat Ajax gisterenavond gedaan had tegen Barcelona. De agenda van de Champions League zit scherper in zijn hoofd dan de tafel van 4.
"0-2 verloren. Twee goals van Messi."
Met in zijn mondhoek een hap beschuit, koppelde oudste de uitslag van de wedstrijd in de Arena naadloos aan mijn verhandeling over de Grootse Nederlandse Voetballer Ooit.
"0-2? Dat levert die Kruif weer een rimpel op," zei ie droog.

donderdag 9 oktober 2014

Dreamteam

Bij thuiskomst vond ik niet het avondeten op tafel, maar een berg knutselspullen, waaronder een plakstift, scharen en papiersnippers. Jongste praatte me bij. De nieuwe Goal was die middag binnengekomen met in het midden een uitklapposter waarop elke abonnee zijn ideale Champions League-opstelling kon maken. De fotootjes van 50 topspelers waren erbij geleverd, maar moesten geselecteerd, uitgeknipt en opgeplakt worden.
"Kijk, ik heb Koertwa op doel," zei jongste met pretoogjes, "en achterin Hummels, Filip Laam en Gerret Beel!"
Aandachtig bekeek ik de achterhoede. Bale op rechtsback met veel ruimte voor zich. Goedkeurend knikte ik met mijn hoofd: jongste had meer inzicht dan de trainer van Real Madrid.
"Speelt Xavi op het middenveld? En Zlatan?" Jongste wilde met de schaar in de hand meteen dóórpakken, maar omdat de borden op tafel moesten voor de ovenschotel, werd het knip-en plakwerk terzijde geschoven.
Veel later die avond, de jongens waren al naar bed, vond ik de poster terug op de buffetkast. Jongste had zijn opstelling klaar. Xavi pronkte inderdaad op het middenveld, Robben had de basiself ook gehaald en in de spits, voorspelbaar als het kapsel van Kees Jansma, was Messi geplakt. Nieuwsgierig draaide ik de poster om. Op de andere kant vond ik een elftalfoto van Ajax. Leuk voor op de slaapkamer, moet de redactie van Goal geredeneerd hebben. Jongste dacht daar heel anders over. Op het gezicht van Moisander had ie een ziekenfondsbrilletje getekend. De Finse verdediger zag er nu uit als een student theologie, maar daarmee kwam ie nog goed weg. Nick Viergever droeg een hangsnor en twee tietjes.


donderdag 18 september 2014

Ontbijt


"Heeft Ajax gewonnen?"
"Nee, gelijk gespeeld met 1-1."
"En je zei dat Paris Saint Germain veel beter was."
"Dat is ook zo. Ajax deed het best goed."
"Wie heeft er gescoord?"
"Lasse...."
"Schöne! Was ie mooi?"
"Best. Uit een vrije trap."
"En Zlatan? Was Zlatan goed?"
"Een beetje onzichtbaar."
"Is er vanavond ook Champions League?"
"Nee, op donderdag is het Europa League."
"PSV moet toch ook?"
"Ja, en Feyenoord."
"Mag ik PSV zien?"
"Dat begint om 7 uur. Dan moet jij trainen."
"Oh."
"Maar als we terug zijn, kun je nog een stukje van de 2e helft zien."
"Echt?"
"Echt."
"Cool, pap. Waar is de oude kaas?"

zondag 14 september 2014

Commercie

Mijn vriendin had gewinkeld bij Kruidvat. Op de keukentafel stond, naast een doosje tandenstokers en een voordeelverpakking deospray, een flesje Manchester United-shampoo. Een zwarte flacon met clublogo en afbeeldingen van Rooney, Van Persie en Fellaini.
"Leuk voor de jongens," zei ze er overbodig bij.
Het snelle geld heeft het voetbal al lang in een wurggreep. Gewiekste reclamejongens die handig inspelen op de impact van voetbalsterren op kinderen. Een Barcelona-rugzak, een tandenborstel met het Feyenoord-logo, een drinkbeker van Ajax; het is hier allemaal in huis te vinden. Oudste en jongste kwamen dan ook opgetogen thuis van school. Ze keken met bewondering naar de spelers op de flacon.
"Gebruikt Robin van Persie deze shampoo ook?" Jongste keek alsof ie goud in handen had. Ik wilde zijn illusie niet doorbreken.
"Natuurlijk," zei ik, "de hele ploeg. En Louis van Gaal ook!"
Die avond douchten de jongens met de voetballers van Manchester United. Ze kraaiden van plezier en sopten elkaar extra in.
"Leuk hè, die shampoo van mama?" vroeg ik toen ik hen later hielp met afdrogen.
"Mwa," was het magere antwoord van oudste.
"Ben je bang net zo vroeg kaal te worden als Rooney?"
"Neuh."
"Of zo'n kroeskop te krijgen als Fellaini?"
"Nee, hoor."
"Wil je liever tennisshampoo? Met Nadal erop? Of Djokovic?"
"Echt niet."
Ik begon te vermoeden dat oudste de valkuil van de reclamejongens doorhad. Dat hij niet wenste te bezwijken voor de verleiding. Een gevoel van trots borrelde bij me op.
"Stom trucje, hè? Zo'n Manchester United-shampoo?" vroeg ik.
"Hij ruikt gewoon niet lekker, pap."
Met die mogelijkheid had ik geen rekening gehouden.

maandag 11 augustus 2014

Eto'o

Van de week ontving ik van een kennis een sms met een opmerkelijk aanbod. Sharon Stone, de bevallige filmdiva uit vervlogen tijden, had na een carrière vol Hollywood-hectiek genoeg van het leven in de schijnwerpers en verlangde naar een periode van rust op het platteland. Of ze een tijdje in mijn woning mocht vertoeven.
Dat moest ik even laten bezinken.
Mijn eerste gedachte was dat het de zorgvuldig opgebouwde verhoudingen in huis danig zou verstoren. Zouden de jongens het accepteren, zo'n wulpse blonde vrouw aan de keukentafel die net iets te hard lacht om de dagelijkse mopjes van hun vader? Om van de balans in de buurt nog maar te zwijgen.
Toch vond ik mezelf spoedig terug in een prettige dagdroom. Ik zag haar zitten, Sharon Stone, met gekruiste benen in een Hartman-stoel in mijn achtertuin onder de luifel. Vanaf een klapstoeltje zou ik toekijken hoe de ondergaande zon haar in een adembenemend licht zette. Hoe onnavolgbaar ze aan een filtersigaret zoog, precies zoals in Basic instinct. Hoe ze ging verzitten en speels haar ene been over de andere gooide. Ik rilde bij het idee.
Gelukkig drong het tijdig tot me door: zo'n avontuur met een spannend lichaam kan verleidelijk ogen, maar eindigt vaak bloederig (met een icepick of zo). Ik besloot de wensballon door te prikken en mijn kennis een antwoord-sms te sturen:
"Thanks, but no thanks."
Ook mijn vriendin vond het een wijs besluit.

zondag 10 augustus 2014

Perfect day

Het was zondagavond, tegen zeven uur. Nadat ik op Fox Sports de wedstrijd van Feyenoord tegen ADO had bekeken en daarna ook de complete potjes van Ajax (tegen Vitesse) en PSV (tegen Willem II) op mijn gemak had uitgezeten, kwam mijn vriendin demonstratief tegenover me zitten. Streng staarde ze me aan.
"Wat?" vroeg ik.
"Wat denk je zélf?!" Ze keek me aan met die typische blik. Niets zeggen, maar een oogopslag vol venijn. De blik die je krijgt als je de aardappelen te lang hebt laten koken, je een verjaardag bent vergeten of als ze te weinig aandacht krijgen.
"Bedoel je etenstijd? We kunnen toch pizza's bestellen?"
Mijn vriendin schakelde door naar fase 3. Haar ogen vernauwden zich tot spleetjes, smaller dan het gangpad op een lijnvlucht van Ryanair.
"Pizza?!" zei ze met stemverheffing, "Kom uit die stoel! Nu!"
"Maar zo meteen begint Studio Sport!" probeerde ik.
Dat viel niet goed. Op hoge poten, als een reiger die net heeft ontdekt dat de kikkers zijn verhuisd, verdween ze naar boven. Pas veel later vond ik haar terug in de slaapkamer. Ze lag op bed, maar sliep niet. De kou zat er nog. Om het ijs te breken startte ik een rugmassage. Eerst met vingertoppen, het subtiele werk. Toen ze niet tegenstribbelde, ging ik over naar zwaardere technieken: met beide handen bewerkte ik ritmisch haar schouderbladen en onderrug. Iets na tienen viel ze tevreden spinnend in een diepe slaap.
Mooi. Jack van Gelder begon net op Nederland 1.

zondag 27 april 2014

In tranen

Door de camera in de kleedkamer van Ajax kon iedereen meekijken: in Nederland vier je de titel met pizza's en een fles cola. Een paar minuten voor het laatste fluitsignaal glipte Frank de Boer de spelerstunnel binnen. Daar stond ie, de Ajax-coach. Boven een urinoir met in de ene hand een folder van de plaatselijke Pizzahut, in de andere zijn mobieltje. 
"De Boer. Ik wil graag pizza's bestellen. Acht Quattro Stagioni, en tien Vegitariana. Met extra ui. Over twinitig minuten graag. Het Polman Stadion. De uit-kleedkamer."
Toch wilde het kampioensfeest van Ajax niet echt van de grond komen. Misschien kwam het wel door Ricardo van Rhijn, die voor de muziek moest zorgen. Het hele seizoen zoekt ie aan de rechterkant al vergeefs naar het juiste ritme.
Ook op het plein naast de Arena wilde het niet vlotten. De Ajacieden zwaaiden naar de fans als een gezin met een abonnement voor de Efteling. Voor de vierde keer in de rij voor de Fata Morgana. Dan weet je het wel. 
Ik had met ze te doen, de Ajax-supporters. Op het eind van een slopend seizoen wil je euforie. Kippenvel. Ontroering doordat het laatste punt voor de poorten van de hel is weggesleept. Maar ondanks de extra ui kwamen er geen tranen. Frank de Boer stapte na het laatste hosnummer van het podium alsof hij in Purmerend nog een buffetmeubel van zijn vrouw ging bezorgen.
De warme emoties kwamen vandaag niet vanuit Amsterdam, maar vanuit de Kuip, waar Jordy Clasie besefte dat ie zonder zijn mentor verder moet. Ronald Koeman zélf, die zijn vader er graag bij had gehad en vanuit de Gelredome waar Theo Janssen zijn vrouw de liefde verklaarde.
Dat is de oogst van het seizoen '13-'14. Natte pizzadozen en een Arnhems straatschoffie verdwaald in een vreemde versie van de Honeymoonquiz. 
En dan moeten we nog een speelronde.

maandag 21 april 2014

Deense lekkernij

Toen Ajax gisteren met Pec en veren de Kuip werd uitgejaagd, zat Viktor Fischer aan de Noorse kust. Niet dat hij zich van een fjord wilde storten, maar de jonge godenzoon heeft wat tijd nodig voor zichzelf.
Diep in de tweede helft, murw gebeukt na verwoestende aanvalsgolven door Zwolsche dadendrang, had ik er genoeg van. "Ajax mist Fischer," stamelde ik. Een vertwijfelde poging invloed uit te oefenen op de geschiedenis die al lang geschreven leek. De reactie van mijn medekijkers was veelzeggend: "Wie?"
Roem blijkt vergankelijk.
Vorig seizoen denderde hij op de linkerflank onze huiskamer binnen. Brutale dribbels. Daarna verscheen hij in menig stadiontunnel met een omgekeerde snelkookpan of een kortgetrimd bonsaiboompje op zijn schedel. Nieuwe hoofdstukken in het boek Modern haar. Op stoelen in dameskapsalons werd volop gesopt bij de gedachte aan de Deense Ajacied.
Nu een onwillige bilspier Fischer heeft geveld, moet Ajax het met andere vleugelflitsers doen. Maar een robuuste IJslander met een naam die doet denken aan glinsterend vulkaangesteente en De Sa, die meer lijkt te verlangen naar een Surinaams broodje kip dan een geslaagde voorzet, zetten de Arena nog niet in vuur en vlam.
Gisteren, bij de stand 5-1, kwam mijn vriendin de huiskamer binnen. Geschrokken overzag ze de ravage. Twee minuten keek ze mee, het was genoeg.
"Doet dat lekker ding niet mee, die blonde uit Denemarken?" vroeg ze verbaasd. Fischer mag opgelucht werken aan zijn revalidatie. Hij is nog niet vergeten.

zondag 20 april 2014

Voetbalfeest

Ik keek de bekerfinale met jongste. Hij had veel vragen.
"Waarom zit de trainer van Ajax in de studio, pap?"
"Dat is zijn tweelingbroer, jongen. Hij heet Ronald."
"Waarom speelt Vermeer, papa? Is Cillissen geblesseerd?"
"Nee, jongen, Vermeer mag de bekerwedstrijden keepen."
Jongste viel even stil toen de wedstrijd tot twee keer toe stilgelegd werd, maar hij had wel nog een vraag:
"Waarom gooien ze vuurpijlen op het veld, pap? Het zijn toch Ajax-supporters?"
Het was een goede vraag. Het was de beste vraag van allemaal. Ik moest er even goed over nadenken.
"Ja jongen," zei ik met het oog op een leeg veld, "ik denk dat ze dat heel leuk vinden. Daar genieten sommige mensen van, maar ze bederven het voor Ajax. Eigenlijk bederven ze zo een heel voetbalfeest voor iedereen die kijkt."
Jongste zweeg.
Hij keek hoe Hans Kraay jr. ons op de hoogte bracht van de ontwikkelingen, hij zag hoe Van der Sar als een kruidvat vol emotie het veld opstapte en een microfoon greep en hij hield zijn ogen op het beeldscherm gericht toen de beide ploegen de bekerfinale hervatten.
Jongste bleef ook gewoon zitten toen PEC Zwolle opeens als een gek ging scoren. De Kuip verkleurde van rood naar blauw, de wangen van Ron Jans werden steeds roder, PEC-fans huilden. Een voetbalfeest leek hersteld.
"Nú hadden ze die vuurpijlen toch af moeten steken?" zei jongste toen de prijs werd uitgereikt.
Zelfs een kind van 7 begrijpt hoe je een beker binnenhaalt.