Posts tonen met het label Arjen Robben. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Arjen Robben. Alle posts tonen

maandag 19 oktober 2020

Dag 60

Vroeger was het veel overzichtelijker. Chips? Paprika of ‘gewoon’, meer keuze was er niet. Op een onbewaakt moment wurmde ‘bolognese’ zich tussen deze klassieken, toen was het hek van de dam. Regelmatig vind ik mezelf in de Albert Heijn terug voor de wand met suikergebrande wokkels en linksgedraaide yoghurtchips: geen idee wat ik moet pakken. Die versnippering vind je terug op vele vlakken. Het televisieaanbod ging van Nederland 1 en 2 naar een doolhof met 798 zenders, het Christelijke geloof met de overzichtelijke Katholieken en Protestanten deelde zich op in allerlei hoekjes en de paar politieke verenigingen die het land door de schrale jaren vijftig en zestig loosden versplinterden naar een kieslijst van talloze politieke kleuren. Versterkt door de mogelijkheden van het internet eist iedereen zijn bestaansrecht op. Vroeger besprak je op een verjaardag boven bakjes paprika en gewoon de oliecrisis (“Het is toch wat”), deze ontmoetingen zijn tegenwoordig verplaatst naar het Malieveld, de tafel van Jinek en podia voor vrije meningsuiting, zoals Twitter, waar iedereen elkaar voor rotte vis uitmaakt. Met zijn allen zijn we zijn we een megastal op het erf van Boer De Vries geworden. Als opgehokte kippen kakelen we dat het een lieve lust is. Niemand luistert naar elkaar. In een hoekje van de stal trek ik me maar terug. Ik bak er mijn eigen eitje en kijk naar Studio Sport. Zondag zag ik daar Arjen Robben, op weg naar FC Groningen. Robben arriveerde niet in een bolide met geblindeerde ramen, hij stapte niet uit een dubbeldekker met een koptelefoon op het hoofd. Nee, Arjen Robben kwam gewoon op de fiets. Ik werd daar enorm vrolijk van.

donderdag 4 december 2014

Arjen in Rio

Oudste en jongste wilden voor hun goede schoolrapporten een keer uit eten, maar aan tafel in het knusse restaurantje bleef het opvallend rustig. Dat kwam omdat beiden een boek hadden meegenomen dat ze van Sinterklaas kregen. Toen het tafelmeisje de bestelling kwam opnemen, zat oudste gebogen in 'Arjen Robben en het WK in Rio', jongste was niet uit 'Arjan Robben en de finale van de Champions League' te slaan. Een schrijverscollectief had zich blijkbaar op de belevenissen van Robben gestort en deze avonturen bleken zó spannend dat ze alleen even opkeken toen het broodmandje met kruidenboter op tafel kwam.
"Hoe ver is Oranje al in Rio?" vroeg ik met een sneetje in mijn mond.
"Huh, ...eh, ... ze hebben net gewonnen van Spanje," zei oudste afwezig. 
"Dan moeten ze nog tegen Chili en Australië. En Mexico en Costa Rica," voegde jongste eraantoe. Hij had deze zomer goed opgelet.
Toen het hoofdgerecht werd opgediend, verruilde jongste zijn boek voor de frietjes, maar oudste bleef bladzijde na bladzijde wegvreten. Hij moest inmiddels al bij de halve finale tegen Argentinië aangekomen zijn, schatte ik.
Net op het moment dat het tafelmeisje de toetjes bracht, sloeg oudste zijn avontuur in Rio dicht. "Yes! Nederland heeft de finale gewonnen van Brazilië!" zei ie. Mijn vriendin keek geschrokken op van haar tiramisu.
"Wat? Hebben we gewonnen?" vroeg ik, met opgetrokken wenkbrauwen.
"Ja, en Arjen scoort de winnende goal!" juichte oudste.
Ik begreep meteen dat het prettig toeven was in de boeken van Robben. In die wereld is geen plaats voor gemiste penalty's in de halve finale. In lichte euforie betaalden we de rekening. Oudste trok zijn shirt over het hoofd, jongste gleed op zijn knieën richting de kapstok. Als wereldkampioenen verlieten we het eetcafé.

donderdag 14 augustus 2014

Adamskostuum

Jongste ging met zijn moeder naar de markt. Doordat er een kraampje stond met goedkope voetbaltricotjes kwam ie terug met een Nederlands elftalshirt van Robben over de schouders. Trots kwam jongste voor me staan. 
"Zo! Dat ziet er goed uit!" zei ik.
Maar die bevestiging had ie niet nodig. De rest van de dag liep jongste door het huis als een buitenspeler die de verdediging van Spanje met gemak aan flarden speelt. En die van Chili en Costa Rica erbij. De postbode, de buurvrouw, de man die het gas kwam checken: steeds zorgde jongste ervoor dat zijn Robben-shirt goed in beeld kwam.
's Avonds, tijdens het avondeten, kwam zijn geluk abrupt tot stilstand. Er spatte een grote drubbel jus op zijn borst, precies op de staart van de Nederlandse leeuw. We bespraken net de vakantiebestemmingen van vrienden en bekenden.
"Een klasgenootje is naar een nudistencamping geweest," zei oudste, nadat de schade op het voetbalshirt was hersteld.
"Wat is dat?" Jongste wilde er meer van weten.
"Daar loopt iedereen naakt over de camping."
"Wat!?" Jongste keek alsof het Nederlands elftal ter plekke werd opgeheven.
"Ja, in je blootje," zei oudste, "ook in de kampwinkel."
Dit moest zijn broer even verwerken.
"Zullen wij dat volgend jaar dan ook gaan doen," vroeg ik, "naar de nudistencamping?"
"Echt niet!" antwoordde jongste resoluut. 
Licht verbaasd vroeg zijn moeder waarom ie niet in blote billen over de camping wilde, maar zijn antwoord zag ik van verre aankomen:
"Dan kan ik mijn shirt van Robben niet dragen."

vrijdag 13 juni 2014

Droomavond

De avond begint als oudste met zijn moeder thuis komt met de wekelijkse boodschappen.
"Kijk eens welke hamster ik heb," zegt ie tegen zijn broer die het knaagdier eens goed bekijkt.
"Is dat die hamster die bij Van Gaal door het raam naar binnen kijkt?"
"Nee, die hebben we al," antwoordt oudste, "deze wordt gekieteld door Blind."
De Albert Heijn-hamster die in de commercial gekieteld wordt door Daley Blind, krijgt een plekje voor de televisie, naast de 9 broertjes.
De jongens zien met de hele hamsterfamilie de penalty van Xavi Alonso en de duikkopbal van Van Persie. In de rust moeten de jongens naar bed. De hamster die gekieteld wordt door Blind, mag mee naar boven.
Ze missen de bevrijding van Arjen Robben, de kopstoot van Diego Costa, het einde van Casillas, het doelpunt van De Vrij, de onverzettelijkheid van Vlaar, de Oranje golf van ongeloof die over de tribunes waait en de gloeiende wangen van de bondscoach. De jongens missen het gelijk van Louis van Gaal.
Met grote ogen kijk ik naar de herhalingen van de doelpunten. Ik luister met open mond naar de meningen van Mulder, Van Marwijk en Hugo Borst in een raar juichpak.
Licht in mijn hoofd en niet geheel zeker van wat we die avond gezien hebben, gaan mijn vriendin en ik naar bed. Net voor twaalven. De avond eindigt opnieuw met hamsters. Jongste heeft de hamster die bij Van Gaal naar binnen gluurt in zijn knuist, op het kussen van oudste ligt het beestje dat gekieteld wordt door Blind. 
Dat wordt mooi, het wakker worden morgenochtend.

woensdag 18 december 2013

Sportgala

Okay, Epke Zonderland is de sportman van het jaar 2013. Laten we eerlijk wezen; als je de Cassina-Kovacs-Kolman achter elkaar kunt uitvoeren met het kapsel van Sjoukje Dijkstra, komt die titel je gewoon toe. Ik heb het wel eens geprobeerd, hier in de achtertuin. De schommels van het stellage gehaald en dan lekker even doorzwaaien om tempo te maken, loslaten en aanzetten voor een salto met een hele schroef. De landing, half op de barbecue en tussen de hortensia's, kostte me drie dagen ziekteverlof en een nieuw bovengebit.
Arjen Robben lijkt me ook niet het type voor de reuzenzwaai. Toch zat hij, als genomineerde, keurig op de eerste rij naast Epke. Het was een prachtig beeld; Robben driftig rondkijkend naar mogelijke vluchtelementen, maar toen had Dione het gala al gestart.
Een voetballer met een vlinderstrikje, dan moet ik sowieso altijd even gniffelen. Alsof Frans Bauer in Blaricum ineens het woord neemt op een partijcongres van de VVD. Arjen Robben, dat is een jongen uit Bedum die voor Bayern München voetbalt. Dat betekent doordeweeks op de training luisteren naar de grillen van Guardiola. Daarna in spijkerbroek en een jas van Tommy Hilfiger de kinderen uit school halen en 's avonds op de bank kijken naar een film met Katja Schuurman en The Voice of Holland. Geen sex voor de wedstrijd. Dat bewaar je voor de zaterdagavond, na de winst op Hannover of Nürnberg. Het is het hoogtepunt van de week voor een willekeurige Nederlandse voetballer. In de slaapkamer fluistert een vrouw in lingerie het commentaar van Hans van Zetten in je oor:
"En hij staat!"
Dichterbij de titel sportman van het jaar zal een voetballer nooit komen.

 

vrijdag 11 oktober 2013

Oktoberfesten

Arjan Robben die aansluit bij Oranje voor de wedstrijd tegen Hongarije, die beelden had ik graag gezien. Het ene moment jezelf op een schlager van Heino ritmisch op de lederhose kletsen en het andere moment met een stalen gezicht door de draaideur van Huis ter Duin wandelen: dat moet je kunnen.       
Maar het geluk van voetballen bij het beste team van Europa, iedereen kan het zien. Je leest het in zijn ogen en je ziet het op de training als Janmaat op spelvreugde gepasseerd wordt. Maar de bondscoach bekijkt het natuurlijk geheel anders: "Robben kiest de verkeerde ruimte als Bayern inschuift over de vrije man."
Van Gaal zal het niet snel zeggen, maar Arjen Robben voetbalt in de stad waar hij graag zou willen terugkeren. Het liefst zat ie dit weekend in lederhose in een grote biertent. Met Truus naast hem in een wulpse dirndle, de borsten strak opgebonden. Aan een lange tafel lekker mijmeren over Lahm op het middenveld, een tactische aanpassing voor Schweinsteiger of een lastige uitwedstrijd naar Nürnberg. Met een team een heel seizoen toewerken naar het kampioenschap. En dan in de Allianz Arena voor een peloton persfotografen net doen of je de glazen laars boven je hoofd niet ziet.
Na de plichtmatige zege van het Nederlands elftal op Hongarije zal Van Gaal op eigenzinnige wijze het spelbeeld analyseren en met nadruk de heilige missie herhalen: met Oranje naar het WK van Brazilië. Intussen weten we allemaal hoe het zit.
De bondscoach hunkert naar een nieuwe bierdouche.

zondag 26 mei 2013

Winnende goal

In het potje twee tegen één kantelt jongste na een mooie goal zijn hand naast zijn oor heen en weer.
"Wat doe je nu?" vraag ik.
"Dat doet Pellè ook als hij scoort," antwoordt jongste.
Thuis kijken we vaker Studio Sport dan Spongebob.
De strijd verhardt. Na een fraaie schaar schiet oudste de bal vol op mijn kin. De bril vliegt als een matchboxautootje door de lucht. Na een gloedvolle strijd klinken bij de stand 9-9 de woorden voor een grande finale: "winnende goal."
Vele schermutselingen later, vlijmscherpe tackles en onrechtmatig door mij afgekeurde doelpunten, weet ik uiteindelijk de tiende goal binnen te frommelen.
Ik ervaar een nieuwe sensatie, euforie maakt zich van mij meester. Alles, alles komt eruit. De werkweek, de aangebakken aardappelen, de zaterdagkrant die nat bezorgd werd, al het ongenoegen vindt zijn uitweg na het doelpunt in de laatste minuut.
Ik laat het lopen.
Met een verre aanloop glijd ik met gebalde vuisten op mijn knieën terug naar mijn eigen goal. Door de vele buien eindig ik pas in de rododendron. Als ik de twijgjes uit mijn mond pluk en de groene vlekken van mijn broek veeg, meldt mijn vriendin zich aan de zijlijn.
"Wat doe jij nou?" vraagt ze geïrriteerd. Ze weet dat grasvlekken er moeilijk uit gaan.
"Eh, ik voelde me even Robben." Ik probeer de zaak te redden, maar ze is vernietigend in haar oordeel:
"Aansteller."

vrijdag 24 mei 2013

Arjen doet het zelf

Duitsland is in. Verjaardagsfeesten worden gevierd met Sachertorte en moezelwijn en in de supermarkt is de Schwarzwalder Schinken al weken in de aanbieding. Mijn bakker op de hoek, doorgaans de nuchterheid zelve, bakt dagelijks honderden Berliner bollen. Ineens zijn we allemaal ein Berliner. 
Het komt allemaal door de finale van vanavond. Niet Real of Barcelona, geen Manchester of Milan, maar twee Duitse ploegen spelen om de hoogste Europese eer en Robben staat op rechts.
Arjen Robben in een Champions League-finale, daar mag ik graag naar kijken. Als de bal aan de voet komt, trekt hij het apothekershoofd tussen de schouders en gaat rennen. Binnendoor, altijd binnendoor.
Dat zit zo.
Robben woont in Bad Schlisselheim, een gehucht onder de rook van München. Een kerkje, zeven huizen en Friseursalon Ullrich Hühnenstreich, nur für Männer. Robben woont naast het kappertje. Hij lag meteen bij Ullrich in de stoel. Een beetje klagen over schwalbes. Het scoren ging ook nog moeilijk, die tijd.
"Ik zou binnendoor gaan voor de verre hoek,"  zei Ulli, terwijl hij met de Braun op twee over de schedel ging.
Vanavond loopt Bad Schlisselheim uit voor de wedstrijd. Horst Knupf, Bastian Erderweisz, Holger Sammergeil, Ludwig Brüdermensch en Didi Karmenov, zoon van een Armeense immigrant; trots zullen zij allen de finale aanschouwen in de huiskamer van Ulli. Met het bovenste knoopje van de lederhose los, een goed gebruik in Beieren.
Dan, na de wedstrijd. Met overslaande stem informeert een ARD-reporter naar het winnende doelpunt: "Hoe komt dat toch, Arjen, dat binnendoor gaan en scoren in de verre hoek?" 
Ulli houdt zijn adem in.
"Ach, das geht vanselbst," Arjen haalt de schouders op.
In Bad Schlisselheim kijken ze elkaar verbijsterd aan. Sammergeil slaat woest zijn bier van tafel, Knupf staat demonstratief op en verlaat de kamer. Ook daar wordt de conclusie getrokken.
Arjen Robben? Egoïst.

woensdag 2 januari 2013

Autoband

We staan muurvast op de Autobahn in Zuid-Duitsland. File. Op de achterbank kleurt jongste een giraffe in zijn tekenboek, zijn broer speelt een computerspel. Hun moeder slaapt op de bijrijdersstoel naast me. Opeens een kreet van jongste.
“Kijk daar! Dát is een grote autoband!”
Ik draai mijn hoofd naar rechts en zie in de verte een grote hoop zorgvuldig aaneengeschakelde lichtgevende schelpen. Het lijkt inderdaad op een autoband, maar ik weet dat daarbinnen een wedstrijd tot grote hoogte kan Schweinsteigeren.
“Dat is een voetbalstadion,” zeg ik, ”Bayern München speelt daar zijn thuiswedstrijden." Jongste staart naar buiten, in zijn mondhoek bijt hij op een kleurpotlood. Het wiel, dat daar plompverloren in het landschap lijkt neergelegd, maakt een wereld van gedachten bij hem los. Zijn neefje heeft een München-shirt met Robben achterop en tijdens onze voetbalpartijtjes voor de buffetkast met een schuimrubberen bal wil hij graag 'Bayern' zijn, maar een autoband? Daar maak je een schommel of een zandbak van, hooguit vang je er de wip mee op, maar je gaat er toch niet in voetballen?
Een minuut later, als de giraffe zijn voltooiing nadert, doorbreekt hij de stilte.
“Pap, voetbalt Ajax ook in een stadion?”
“Ja, jongen. Ajax speelt in een groot stadion. Het heet De Arena," antwoord ik.
Dit is het sein voor oudste om zich ook in de discussie te mengen. 
“De Arena lijkt op een vliegende schotel, voor Marsmannetjes," zegt ie, zonder van zijn computerspelletje op te kijken.
“Een vliegende schotel?" De gedachten van jongste tuimelen in een nieuwe richting. Ruimteschepen kietelen zijn fantasie. Met carnaval wil hij een alien worden, of anders Maya de bij. Hij zet zich weer aan een kleurplaat, van een hangbuikzwijntje deze keer, maar als de file in beweging komt, is er witte rook.
“Dan sta ik nu voor Ajax,” zegt hij. Hij trekt er het gezicht bij waarmee Tom Egbers opvallend transfernieuws brengt.
Mijn linkervoet verlaat iets te enthousiast de koppeling, de schok wekt zijn moeder ruw uit haar doezelstand.
“Wat is er?" vraagt ze geschrokken.
Ik stel haar gerust. “Niks aan de hand, mop. We hebben weer een stap vooruit gezet." 

zaterdag 19 mei 2012

Champions League


De avond begon met een spin op het hoofd van Salomon Kalou. Tatoeages in de nek en roze voetbalschoenen voldoen niet meer. Voor de finale van de Champions League zat de aanvaller van Chelsea vijf uur in een kapsalon:
"Als het maar opvalt, kapper!"
Niet door het zorgvuldig geschoren hoofd van Kalou, maar ik was voor de Duitsers. Zij hadden geen insect, maar het Nederlands voetbal in het hoofd geprint: driftig aanvallen in een fantastisch stadion. Financieel kerngezond. Gedurende de hele finale beukte München op het vijandelijke doel en verloor na strafschoppen; dichter bij Oranje kun je niet komen.
De erelijst van Champions League-winnaars wordt uitgebreid met Chelsea. De streken van Drogba en het knietje van John Terry in de rug van Barcelona staan echter nog vers in mijn geheugen. Net als in de Engelse Premier League, waar Manchester City de titel kocht, wordt geldsmijterij beloond. Roman Abramovich beraadt zich op één van zijn jachten op een nieuw speeltje. Het gif van de nieuwe rijken dringt steeds verder door in de stadions, het verlamt langzaam de romantiek van het voetbal.
De spelers van Chelsea toonden Europa trots de grote beker, Drogba en Terry dansten van geluk, Salomon Kalou deinde mee. Op zijn achterhoofd zat nog steeds een spin. 
Meteen zag ik het. Het was een Tarantula.