Posts tonen met het label WK18. Alle posts tonen
Posts tonen met het label WK18. Alle posts tonen

zaterdag 16 juni 2018

Crisis? What crisis?

Het WK voetbal van 2026 is deze week toegekend aan de Verenigde Staten, Canada en Mexico. Aan dit WK gaan 48 landen deelnemen. Ik houd wel van een beetje gekkigheid. Dat wil namelijk zeggen dat die Mannschaft hun eerste groepswedstrijd tegen Noord-Korea in Guadelajarra in de rust moet afbreken, omdat ze op tijd in het vliegtuig moeten zitten voor hun tweede poulewedstrijd in Montréal tegen Mongolië. Achtenveertig landen, dat zijn 12 poules van 4. Het is niet uitgesloten dat we dan in april al beginnen, met zo’n negen wedstrijden per dag. Mooi, nog voor het ontbijt de voorbeschouwing van Nieuw Zeeland tegen Finland met zo’n commercial van een buxusscherende Van Persie die een app verstuurt naar Neymar. Of Bayle. Of Buffon, dat mag ik kwijt zijn.
De openingsceremonie in 2026, je ziet het zo voor je. FIFA-voorzitter Infantino op de tribune geflankeerd door Trump en Kim Jun Un die elkaar duimpjes toespelen, omdat Dolly Parton op het veld wulps al haar hits staat te vertolken. En dat dan opnieuw Ronaldo aan de zijlijn verschijnt met een kind aan zijn zijde. De Braziliaanse Ronaldo is inmiddels dikker dan mijn tante Bertha uit Odiliapeel en die moet op de kermis inmiddels twéé kaartjes kopen om in de Hully Gully te worden toegelaten.
Want dat heeft het voetbal de laatste decennia geleerd. Het heeft twee absolute waarheden blootgelegd. De commercie heeft de sportiviteit op een onoverbrugbare achterstand gezet en voetbalsterren worden dik. CR7, die nu met Portugal iedereen aan flarden speelt, maar tijdens de openingsceremonie van 2026 met onderkin en een kind aan de hand naar de middenstip waggelt om 48 landen aan het WK voetbal te laten beginnen, zónder Nederland doordat de lichting van Frenkie de Jong zich tijdens de Play offs tegen Fiji-eilanden liet verrassen. Ja, dan is het pas écht crisis.

dinsdag 17 oktober 2017

Rampzalig

Voor een nieuwe wedstrijd van jongste reed ik zaterdagmorgen naar het sportpark. Door een uitbundige oktoberzon lagen de velden er blakend bij, als een ingevet lichaam op een ligbed aan een tropisch strand, zich gulzig overgevend aan de warmte. De start van de herfstvakantie was ongekend fraai.
Toch zorgde de week voor bewolking. In de kantine kwam de mislukte missie van het Nederlandse elftal om het WK te bereiken op tafel. Bij de koffie werd het met schaamte besproken, als de gordelroos van tante Annie.
Natuurlijk, een stoer Oranje op een eindtoernooi werkt sfeerverhogend in de zomer, ook als het WK in Rusland plaatsvindt, een plek waar mannen zich halfnaakt op paarden laten filmen en waar vliegtuigen uit de lucht worden geschoten. Toch blijft een lichte depressie na een desastreuze kwalificatiereeks een vreemde reflex. Geluk vind je in een verse stronk bloemkool op je bord, in goed gestructureerde ouderenzorg en gedegen onderwijs aan je kinderen, niet in een doelpunt van Robben in de laatste minuut tegen Costa Rica en oranje tompoucen bij de Hema. Misschien dat volgende generaties ooit op zolder een doos gaan vinden met oranje parafernalia en daarbij de vraag stellen “Maar hoezo werd de hele wijk oranje versierd dan?” Dat leed lijkt me te overzien. Een oranje klomp voor op het hoofd en een leeuw-schreeuw-shirt hebben sowieso niets te maken met liefde voor het nationale voetbalteam en horen niet in een doos op zolder thuis, maar in de kliko, naast aardappelschillen en een verschimmeld bakje La vache qui rit, maar dat terzijde.
Goed, zaterdagmorgen op het sportpark dus. Met een dampend kopje koffie voor me, overzag ik het ‘slagveld’ van het Nederlandse voetbal dat zich op dat moment om me heen (en op duizenden sportparken in Nederland) aan het voltrekken was: de clubvrijwilliger die met uitgestoken hand de uitspelende teams ontving, de schoongeveegde kleedlokalen met gillende pupillen, de leiders die de koppen om tactische redenen bij elkaar staken (“4-3-3? Of toch op het middenveld met de ruit naar voren?”) en in de verte de strakgesneden velden met spierwitte doelnetten. Daarop ging het gebeuren, de komende uren, de komende jaren.
Het komt allemaal dik, dik in orde.