Posts tonen met het label CR7. Alle posts tonen
Posts tonen met het label CR7. Alle posts tonen

vrijdag 20 november 2020

Dag 92

Met Oudste hing ik onderuit op de bank. Jongste kwam rennend de trap af. “Ik heb Cristiano Ronaldo gepèkt!” Elke generatie neemt zijn eigen taalveranderingen mee. Vaak kan ik de nieuwe woorden en zinsconstructies wel volgen, maar hier zette hij me voor raadsels. Pèkken? Werkelijk geen idee. Het bleek om ‘packen’ te gaan, een extra invalshoek van zijn computergame FIFA ’21: als beloning kan elke deelnemer online een ‘pakketje’ met nieuwe spelers verdienen. Soms zitten daar spelers tussen die jouw basiselftal behoorlijk versterken, zoals Cristiano Ronaldo. “Nou, vette shit man!”, zei ik zo jeugdig mogelijk, maar de jongens wisselden een blik van verstandhouding en kwakten me in de hoek: “Vette shit? Dat zegt niemand!” Je moet het ook niet willen. Jongeren gedijen het beste in hun eigen sociale nis, waar zij zelf de codes mogen bepalen. Om inmenging van andere leeftijdsgroepen te voorkomen, wisselen ze net zo snel van taalkreten, kledingmode en social-media-accounts als Cristiano Ronaldo van kapsel. Toch probeerde ik het later die avond nog een keer toen ik over de schouder van Oudste meekeek naar zijn huiswerkopdrachten in zijn wiskundeboek. “Dat zijn lastige formules, asjemenou!” Als een stuk rood vlees gooide ik de strijdkreet van Loeki de Leeuw in het strijdtoneel. Maar Oudste keek niet eens op van zijn sommen. Wel bood hij me zijn vuist aan. “Tik ‘m aan, boomer!”

zaterdag 16 juni 2018

Crisis? What crisis?

Het WK voetbal van 2026 is deze week toegekend aan de Verenigde Staten, Canada en Mexico. Aan dit WK gaan 48 landen deelnemen. Ik houd wel van een beetje gekkigheid. Dat wil namelijk zeggen dat die Mannschaft hun eerste groepswedstrijd tegen Noord-Korea in Guadelajarra in de rust moet afbreken, omdat ze op tijd in het vliegtuig moeten zitten voor hun tweede poulewedstrijd in Montréal tegen Mongolië. Achtenveertig landen, dat zijn 12 poules van 4. Het is niet uitgesloten dat we dan in april al beginnen, met zo’n negen wedstrijden per dag. Mooi, nog voor het ontbijt de voorbeschouwing van Nieuw Zeeland tegen Finland met zo’n commercial van een buxusscherende Van Persie die een app verstuurt naar Neymar. Of Bayle. Of Buffon, dat mag ik kwijt zijn.
De openingsceremonie in 2026, je ziet het zo voor je. FIFA-voorzitter Infantino op de tribune geflankeerd door Trump en Kim Jun Un die elkaar duimpjes toespelen, omdat Dolly Parton op het veld wulps al haar hits staat te vertolken. En dat dan opnieuw Ronaldo aan de zijlijn verschijnt met een kind aan zijn zijde. De Braziliaanse Ronaldo is inmiddels dikker dan mijn tante Bertha uit Odiliapeel en die moet op de kermis inmiddels twéé kaartjes kopen om in de Hully Gully te worden toegelaten.
Want dat heeft het voetbal de laatste decennia geleerd. Het heeft twee absolute waarheden blootgelegd. De commercie heeft de sportiviteit op een onoverbrugbare achterstand gezet en voetbalsterren worden dik. CR7, die nu met Portugal iedereen aan flarden speelt, maar tijdens de openingsceremonie van 2026 met onderkin en een kind aan de hand naar de middenstip waggelt om 48 landen aan het WK voetbal te laten beginnen, zónder Nederland doordat de lichting van Frenkie de Jong zich tijdens de Play offs tegen Fiji-eilanden liet verrassen. Ja, dan is het pas écht crisis.

woensdag 23 december 2015

Oud en nieuw

Eind december is inderdaad de mooiste tijd van het jaar, maar dat komt vooral door de jeugdzaalvoetbaltoernooien. Niets leukers dan jeugdleden die, met de winterstop in de rug en het kerstdiner met familie in het vooruitzicht, op flitsende schoentjes en opgedeeld in topploegen als Arsenal, Barcelona en Bayern München door de sporthal rennen.
Jongste heeft hetzelfde virus. Vanaf de tribune zie ik dat hij met oudste en enkele voetbalmaatjes achter één van de doelen met een bal dolt en met een schuin oog de wedstrijd binnen de lijnen in de gaten houdt. Een jochie van enkele straten verderop, ingedeeld bij Real Madrid, passeert op fraaie wijze zijn directe tegenstander en schiet de bal binnen. Zelfs zijn juich komt overeen met die van Christiano Ronaldo.
Om me heen zitten ouders en andere belangstellenden te keuvelen.
"En? Hoe was jouw jaar eigenlijk?" vraagt een vader na een nieuw doelpunt van Real.
In gedachten herkauw ik zijn vraag. De wereld werd er in 2015 niet mooier op. Oorlogsbeelden en aanslagen kwamen letterlijk dichterbij en kropen als een gifslang mijn hoofd binnen. Geruzie en geschreeuw over de opvang van vluchtelingen. Tegenover de verwarring staat de harmonie in kleine kring. Ik heb beide ouders nog, de jongens doen het prima op school, omarmen met beide armen het leven en elke morgen word ik prettig wakker naast hun moeder.
"Nou, ik mag niet klagen," zeg ik als de ijscoman die de balans opmaakt na een zomerse dag op de markt.
De wedstrijd in de zaal wordt afgefloten. Real wint met 3-1. Achter het doel stoeit jongste met zijn vriendjes, maar ik zie oudste nergens. Ineens staat ie naast me, met een bezweet voorhoofd.
"Papa, ik wil ook bij het voetballen. Ik weet het zeker," zegt ie. Die zag ik niet aankomen. In ons voetbalverslaafde gezin is het oudste die met zijn gitaar en tennisracket, zijn danspassen, tekeningen en zijn toneeluitspattingen een gezonde culturele aandacht in leven houdt.
"Hoe gaan we dat tegen je moeder zeggen?" vraag ik hem, quasi serieus.
Even later, als Real Madrid het toernooi gewonnen heeft, verlaat ik met de jongens de sporthal. In rechte lijn op weg naar het kerstdiner, daarna het knalvuurwerk dat al het oude verdrijft en tenslotte het nieuwe jaar.
Ik heb er zin in.