Vandaag deed ik boodschappen. Bij het inparkeren van de auto, het muntje zoeken voor het boodschappenwagentje, het wegen van de broccoli; steeds zag ik het voor me. De boogbal van Boëtius. Het zit al dagen in mijn kop. Bij het koelvak stond ik naar een pak vruchtenyoghurt te staren, steeds opnieuw zag ik hoe de bal speels van zijn voet vertrok. Bij de koeken stond ik afwezig met een pak kletskoppen in mijn hand. Zag ik het zijnet weer bollen, doelman Esteban verslagen op de grond.
Als je niet beter weet is het een voetbeweging als duizend andere. Bryan Roy raakte ze vroeger zo, Beckham in Old Trafford, zelfs Darl Douglas is in staat met zo'n boogje de keeper te verschalken. Tientallen buitenspelers draaien de bal in de verre hoek zoals een piloot een Boeing aan de grond zet. Op routine. Maar het doelpunt van het Feyenoord-talent zingt al dagen als een nachtegaal in mijn hoofd, doordat er zo veel meer achter steekt. Lol. Geluk. Het schijnt door in de wijze waarop Boëtius problemen oplost. Levensvreugde. Twee potige middenvelders van AZ voor zijn neus? Hup, even frivool de bal onder de voetzool door. Een panna op een pleintje of een wedstrijd in een stadion? Voor Boëtius is het een manier van leven.
Precies zoals in 'The art of fielding', een roman van Chad Harbach. Hierin beschrijft hij hoe Henry, een spichtige honkballer, langzaam vergroeit met zijn handschoen. Door de liefde voor zijn sport en volledige toewijding leert hij alle geheimen van het honkbal en het leven kennen.
Bij de kassa plaats ik de afwastabletten en de schnitzels op de lopende band. Rustig wacht ik op mijn beurt. In gedachten zie ik Boëtius in blessuretijd weer het middenveld oversteken. Het Legioen veert in vertrouwen op: hun jongeling bezit de kunst van het veldspel.
"Zegels erbij?" hoor ik de caissière vragen.
"Huh?"
"Wilt u zegels?" verzucht ze geïrriteerd. Ze kijkt me aan als een vermoeide linksback die te vaak gepasseerd is. Ze snakt naar het eindsignaal, maar ze moet nog tot zes uur.
Niet iedereen beheerst de kunst van het veldspel.
dinsdag 12 februari 2013
zondag 10 februari 2013
Zondagochtend
De huiskamer ruikt naar versgebakken broodjes. Samen met jongste nestel ik me op de bank voor de herhaling van Match of the Day op BBC. Hij kruipt tegen me aan, zijn hoofd op mijn borst. Zijn moeder en oudste slapen nog.
Tottenham Hotspur speelt tegen Newcastle United. In smetteloos wit komen de Spurs het veld van White Hart Lane op. Naast de tv kijken we de tuin in. Een verse laag sneeuw op de terrastafel en de takken van de acasia. De ochtendzon zet de tuin in een prachtig licht. De Winterefteling thuis. Een koolmees landt op de vetbol die we gisteren in de pergola hingen. Na het pikken van het zaad, draait het vogeltje gehaast zijn hoofd. Beducht voor de kat van de buren. Hij lijkt ver weg deze ochtend.
Jongste neemt een hap van zijn broodje als Gareth Bale aanlegt voor een vrije trap, net buiten de zestien. De bal draait over de muur voorbij de graaiende handen van Tim Krul. De Spurs vieren het openingsdoelpunt, het stadion juicht.
"Mooi!" zegt jongste met volle mond.
Ik voel het kloppen van zijn hart door zijn pyjama heen op mijn borst.
"Ja, mooi," zeg ik.
Tottenham Hotspur speelt tegen Newcastle United. In smetteloos wit komen de Spurs het veld van White Hart Lane op. Naast de tv kijken we de tuin in. Een verse laag sneeuw op de terrastafel en de takken van de acasia. De ochtendzon zet de tuin in een prachtig licht. De Winterefteling thuis. Een koolmees landt op de vetbol die we gisteren in de pergola hingen. Na het pikken van het zaad, draait het vogeltje gehaast zijn hoofd. Beducht voor de kat van de buren. Hij lijkt ver weg deze ochtend.
Jongste neemt een hap van zijn broodje als Gareth Bale aanlegt voor een vrije trap, net buiten de zestien. De bal draait over de muur voorbij de graaiende handen van Tim Krul. De Spurs vieren het openingsdoelpunt, het stadion juicht.
"Mooi!" zegt jongste met volle mond.
Ik voel het kloppen van zijn hart door zijn pyjama heen op mijn borst.
"Ja, mooi," zeg ik.
donderdag 7 februari 2013
Malle babbe
Mensen vinden het leuk feestjes te verzieken. Met zijn knal op de kin van Sylvie gaf Rafaël van der Vaart met oudjaar het startsein. Sindsdien melden trainers zich ziek bij een zuchtje tegenwind, horen we oerwoudgeluiden in De Vliert en schieten beperkte backs in eigen doel, omdat een Aziatisch goksyndicaat dat wil.
De lijst wordt nu uitgebreid met de laserpen. Dat moet je kunnen, vanuit de tweede ring van de Arena aanleggen als een sluipschutter uit de Golfoorlog, terwijl een dikke banketbakker uit Waddinxveen in je oor zit te tetteren.
Pang!
Voor de rest van je leven heb je een verhaal voor inzakkende verjaardagsfeestjes. Voldaan hang je achterover, de kin omhoog en de duimen achter de bretels.
"Ik ben ooit nog beslissend geweest voor het Nederlands elftal."
"Heb jij gescoord voor Oranje?"
"Nou nee, meer vanaf de zijlijn."
"Heb jij het Nederlands elftal gecoacht?"
De kin zakt al wat lager. De duimen trommelen nu onrustig op tafel.
"Nee, ik zat op de tribune en raakte Balotelli, ... met mijn laserpen."
"Moest ie eraf dan?"
"Eh, nee... hij kon gewoon verder."
In de pijnlijke stilte die valt, komt het erop aan. In één beweging gooi je de kan ranja in zijn schoot en haal je de slagroomtaart door zijn gezicht. Dan een koptelefoon op zijn kanis. Iets van Rob de Nijs, volume op tien.
"Iemand nog koffie?"
De lijst wordt nu uitgebreid met de laserpen. Dat moet je kunnen, vanuit de tweede ring van de Arena aanleggen als een sluipschutter uit de Golfoorlog, terwijl een dikke banketbakker uit Waddinxveen in je oor zit te tetteren.
Pang!
Voor de rest van je leven heb je een verhaal voor inzakkende verjaardagsfeestjes. Voldaan hang je achterover, de kin omhoog en de duimen achter de bretels.
"Ik ben ooit nog beslissend geweest voor het Nederlands elftal."
"Heb jij gescoord voor Oranje?"
"Nou nee, meer vanaf de zijlijn."
"Heb jij het Nederlands elftal gecoacht?"
De kin zakt al wat lager. De duimen trommelen nu onrustig op tafel.
"Nee, ik zat op de tribune en raakte Balotelli, ... met mijn laserpen."
"Moest ie eraf dan?"
"Eh, nee... hij kon gewoon verder."
In de pijnlijke stilte die valt, komt het erop aan. In één beweging gooi je de kan ranja in zijn schoot en haal je de slagroomtaart door zijn gezicht. Dan een koptelefoon op zijn kanis. Iets van Rob de Nijs, volume op tien.
"Iemand nog koffie?"
zondag 3 februari 2013
Knuffelen
Deze week was ik in Rotterdam. In een zijstraat van de Coolsingel kwam ik Giovanni van Bronckhorst tegen. Bij een terrasje stond ie een beetje te pielen met een bal en een olifant. Hij was groot, de olifant.
"Gio!" riep ik. Ik mag Gio zeggen.
"Hallo," zei Van Bronckhorst.
Ik keek met verbazing naar het beest naast de Feyenoord-trainer. Hij klemde de bal onder het grote lijf. Hij had kleine slagtanden en op de plek van zijn ogen zaten twee knopen. Van die witte, mijn vader had ze vroeger op zijn pyjama. Giovanni las mijn gedachten.
"Dit is Ollie. Mijn knuffel van vroeger. Ooit viel ie in het water. Ik was ontroostbaar, maar vorige week stond ie ineens weer voor mijn neus! Nu zijn we onafscheidelijk." Van Bronckhorst leek erg gelukkig.
Ik vond hem maar raar, Ollie. Egoïstisch ook, nog steeds klemde hij de bal onder zijn grijze buik.
"Is dat nou niet lastig," wilde ik weten, "Koeman assisteren met zo'n olifant? In de kleedkamer en zo?"
"De oudjes keken wel even op," zei Gio, "Mathijsen en zo. Kende ie niet in Malaga. Maar de jonkies zijn dol op Ollie."
"De jonkies?" vroeg ik.
"Ja, Boëtius en Clasie. Vilhena ook. Ze zouden Ollie graag een nachtje mee naar huis nemen. Van Koeman mag het als ze twee keer scoren."
Vandaag won Feyenoord bij Willem II. Tony Vilhena scoorde twee keer. Hij ontweek zijn ploeggenoten en rende juichend naar de camera. Met zijn handen maakte hij een hartje en verzond hij een kus. Vilhena wil niet juichen met Pellè en Verhoek.
Hij wil knuffelen met Ollie.
"Gio!" riep ik. Ik mag Gio zeggen.
"Hallo," zei Van Bronckhorst.
Ik keek met verbazing naar het beest naast de Feyenoord-trainer. Hij klemde de bal onder het grote lijf. Hij had kleine slagtanden en op de plek van zijn ogen zaten twee knopen. Van die witte, mijn vader had ze vroeger op zijn pyjama. Giovanni las mijn gedachten.
"Dit is Ollie. Mijn knuffel van vroeger. Ooit viel ie in het water. Ik was ontroostbaar, maar vorige week stond ie ineens weer voor mijn neus! Nu zijn we onafscheidelijk." Van Bronckhorst leek erg gelukkig.
Ik vond hem maar raar, Ollie. Egoïstisch ook, nog steeds klemde hij de bal onder zijn grijze buik.
"Is dat nou niet lastig," wilde ik weten, "Koeman assisteren met zo'n olifant? In de kleedkamer en zo?"
"De oudjes keken wel even op," zei Gio, "Mathijsen en zo. Kende ie niet in Malaga. Maar de jonkies zijn dol op Ollie."
"De jonkies?" vroeg ik.
"Ja, Boëtius en Clasie. Vilhena ook. Ze zouden Ollie graag een nachtje mee naar huis nemen. Van Koeman mag het als ze twee keer scoren."
Vandaag won Feyenoord bij Willem II. Tony Vilhena scoorde twee keer. Hij ontweek zijn ploeggenoten en rende juichend naar de camera. Met zijn handen maakte hij een hartje en verzond hij een kus. Vilhena wil niet juichen met Pellè en Verhoek.
Hij wil knuffelen met Ollie.
zaterdag 2 februari 2013
Ted en Fred
"Weet je het zeker?"
"Ja."
"De pers gaat erbovenop duiken."
"Ze doen maar. Kom, start de auto."
Terwijl de spelers één voor één worden opgeslokt door de Vitesse-bus, verlaat de auto het stadionplein in Emmen. Lang blijft het stil. Pas op de snelweg draait de trainer zijn hoofd naar de technisch-directeur.
"Hoe zit het met Chanturia?"
"Gaat weg."
"Hofs?"
"Verhuurd aan Willem II."
"Bony?"
"Nog niks concreet. Wordt waarschijnlijk Rusland."
"Ik ben er doodziek van."
"Van de 0-4?"
"Nee, van Kasakowski. En van Jordania. Van de hele bende."
"Stop je ermee?"
"Fiftyfifty. Morgen meld ik me ziek."
"Merab twijfelt ook, Fred."
"Hoezo?"
"Of hij verder wil met jou."
"Dan kap ik ermee, Ted."
"Okay, maar je weet het, hè?"
"Wat?"
"Je hebt het niet van mij."
"Ja."
"De pers gaat erbovenop duiken."
"Ze doen maar. Kom, start de auto."
Terwijl de spelers één voor één worden opgeslokt door de Vitesse-bus, verlaat de auto het stadionplein in Emmen. Lang blijft het stil. Pas op de snelweg draait de trainer zijn hoofd naar de technisch-directeur.
"Hoe zit het met Chanturia?"
"Gaat weg."
"Hofs?"
"Verhuurd aan Willem II."
"Bony?"
"Nog niks concreet. Wordt waarschijnlijk Rusland."
"Ik ben er doodziek van."
"Van de 0-4?"
"Nee, van Kasakowski. En van Jordania. Van de hele bende."
"Stop je ermee?"
"Fiftyfifty. Morgen meld ik me ziek."
"Merab twijfelt ook, Fred."
"Hoezo?"
"Of hij verder wil met jou."
"Dan kap ik ermee, Ted."
"Okay, maar je weet het, hè?"
"Wat?"
"Je hebt het niet van mij."
Abonneren op:
Posts (Atom)