Posts tonen met het label Kerstmis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Kerstmis. Alle posts tonen
woensdag 18 november 2020
Dag 90
De feesten in december worden dit jaar dus anders gevierd. Met zijn vieren luisteren naar het Sinterklaasgedicht waarin ik in gekruist rijm om mijn oren wordt geslagen met alle strapatsen van het afgelopen jaar en waarschijnlijk met hetzelfde clubje rond de gourmettafel op kerstavond: dat wordt wennen.
En dan gaat met Oud en Nieuw ook nog een streep door het vuurwerk. De zevenduizendklapper en ‘de gillende keukenmeid’: voor hele volksstammen dé uitlaatklep van het hele jaar. Het gebrom klinkt vanuit vele voordeuren.
Maar ja, een jaarwisseling zónder afgerukte ledematen, zonder opgeblazen speeltuintoestellen en geen huisdieren die tot februari als een opgejaagde tbs’er uit de ogen kijken: het heeft ook voordelen.
Sowieso schuif ik op naar de man die ik in vroegere tijden ‘een ouwe sok’ noemde. In het pretpark bedank ik voor het vuurwerk van de achtbaan, op het kermisplein negeer ik de attracties die me ondersteboven en in vliegende vaart op grote hoogte een beeld tonen van de rest van het dorp.
Ooit was ik ‘young and restless’, maar ergens onderweg is de neiging om vooraan te staan bij een spetterend concert van Pearl Jam en elk festival bij te wonen, veranderd in een verlangen naar rust.
Elke morgen word ik vroeg wakker. Dan luister ik naar de regelmatige ademhaling van de vrouw naast me. Over een kwartiertje stommelt Oudste van zijn zolderkamer naar de douche. Over een half uur kruipt Jongste tussen ons in om zich te laten overhoren voor zijn toets over de Gouden Eeuw. Het zijn juist dié ogenblikken, als de stilte op het punt staat verjaagd te worden door de hectiek van de dag: het is al het vuurwerk dat ik nodig heb.
woensdag 23 december 2015
Oud en nieuw
Eind december is inderdaad de mooiste tijd van het jaar, maar dat komt vooral door de jeugdzaalvoetbaltoernooien. Niets leukers dan jeugdleden die, met de winterstop in de rug en het kerstdiner met familie in het vooruitzicht, op flitsende schoentjes en opgedeeld in topploegen als Arsenal, Barcelona en Bayern München door de sporthal rennen.
Jongste heeft hetzelfde virus. Vanaf de tribune zie ik dat hij met oudste en enkele voetbalmaatjes achter één van de doelen met een bal dolt en met een schuin oog de wedstrijd binnen de lijnen in de gaten houdt. Een jochie van enkele straten verderop, ingedeeld bij Real Madrid, passeert op fraaie wijze zijn directe tegenstander en schiet de bal binnen. Zelfs zijn juich komt overeen met die van Christiano Ronaldo.
Om me heen zitten ouders en andere belangstellenden te keuvelen.
"En? Hoe was jouw jaar eigenlijk?" vraagt een vader na een nieuw doelpunt van Real.
In gedachten herkauw ik zijn vraag. De wereld werd er in 2015 niet mooier op. Oorlogsbeelden en aanslagen kwamen letterlijk dichterbij en kropen als een gifslang mijn hoofd binnen. Geruzie en geschreeuw over de opvang van vluchtelingen. Tegenover de verwarring staat de harmonie in kleine kring. Ik heb beide ouders nog, de jongens doen het prima op school, omarmen met beide armen het leven en elke morgen word ik prettig wakker naast hun moeder.
"Nou, ik mag niet klagen," zeg ik als de ijscoman die de balans opmaakt na een zomerse dag op de markt.
De wedstrijd in de zaal wordt afgefloten. Real wint met 3-1. Achter het doel stoeit jongste met zijn vriendjes, maar ik zie oudste nergens. Ineens staat ie naast me, met een bezweet voorhoofd.
"Papa, ik wil ook bij het voetballen. Ik weet het zeker," zegt ie. Die zag ik niet aankomen. In ons voetbalverslaafde gezin is het oudste die met zijn gitaar en tennisracket, zijn danspassen, tekeningen en zijn toneeluitspattingen een gezonde culturele aandacht in leven houdt.
"Hoe gaan we dat tegen je moeder zeggen?" vraag ik hem, quasi serieus.
Even later, als Real Madrid het toernooi gewonnen heeft, verlaat ik met de jongens de sporthal. In rechte lijn op weg naar het kerstdiner, daarna het knalvuurwerk dat al het oude verdrijft en tenslotte het nieuwe jaar.
Ik heb er zin in.
Jongste heeft hetzelfde virus. Vanaf de tribune zie ik dat hij met oudste en enkele voetbalmaatjes achter één van de doelen met een bal dolt en met een schuin oog de wedstrijd binnen de lijnen in de gaten houdt. Een jochie van enkele straten verderop, ingedeeld bij Real Madrid, passeert op fraaie wijze zijn directe tegenstander en schiet de bal binnen. Zelfs zijn juich komt overeen met die van Christiano Ronaldo.
Om me heen zitten ouders en andere belangstellenden te keuvelen.
"En? Hoe was jouw jaar eigenlijk?" vraagt een vader na een nieuw doelpunt van Real.
In gedachten herkauw ik zijn vraag. De wereld werd er in 2015 niet mooier op. Oorlogsbeelden en aanslagen kwamen letterlijk dichterbij en kropen als een gifslang mijn hoofd binnen. Geruzie en geschreeuw over de opvang van vluchtelingen. Tegenover de verwarring staat de harmonie in kleine kring. Ik heb beide ouders nog, de jongens doen het prima op school, omarmen met beide armen het leven en elke morgen word ik prettig wakker naast hun moeder.
"Nou, ik mag niet klagen," zeg ik als de ijscoman die de balans opmaakt na een zomerse dag op de markt.
De wedstrijd in de zaal wordt afgefloten. Real wint met 3-1. Achter het doel stoeit jongste met zijn vriendjes, maar ik zie oudste nergens. Ineens staat ie naast me, met een bezweet voorhoofd.
"Papa, ik wil ook bij het voetballen. Ik weet het zeker," zegt ie. Die zag ik niet aankomen. In ons voetbalverslaafde gezin is het oudste die met zijn gitaar en tennisracket, zijn danspassen, tekeningen en zijn toneeluitspattingen een gezonde culturele aandacht in leven houdt.
"Hoe gaan we dat tegen je moeder zeggen?" vraag ik hem, quasi serieus.
Even later, als Real Madrid het toernooi gewonnen heeft, verlaat ik met de jongens de sporthal. In rechte lijn op weg naar het kerstdiner, daarna het knalvuurwerk dat al het oude verdrijft en tenslotte het nieuwe jaar.
Ik heb er zin in.
Abonneren op:
Posts (Atom)